Statuten en H.H. reglement

Korte geschiedenis

De Nationale Wenerclub is opgericht door samenvoeging van de Internationale Wenerclub, opgericht op 10 september 1910 te 's-Gravenhage, en de Nederlandse Wenerclub, opgericht op 1 juli 1951 te Rotterdam.

Deze samenvoeging heeft plaatsgevonden op 4 maart 1972.

De statuten zijn goedgekeurd in de algemene vergadering van 5 april 1997 en notarieel verleden op 9 juni 1997.

Het huishoudelijk reglement is vastgesteld in de algemene vergadering van 28 maart 1998.

STATUTEN

NAAM EN ZETEL.

ARTIKEL 1.

De vereniging draagt de naam: Nationale Wenerclub.

Zij heeft haar zetel te Apeldoorn.

DOEL.

ARTIKEL 2.

1.De vereniging heeft ten doel:

a. het bevorderen van de fokkerij van het Wenerkonijn;

b. het behartigen van de belangen van haar leden, alles in de meest ruime zin.

2. Zij tracht dit doel te bereiken door:

a. samenwerking te verkrijgen met alle liefhebbers en fokkers van het Wenerkonijn;

b. het aanmoedigen van de fokkerij van het Wenerkonijn;

c. het organiseren en ondersteunen van tentoonstellingen en dierkeurin­gen;

d. het organiseren, bevorderen en steunen van cursussen, lezingen en andere evenementen die verband houden en parallel lopen met de doelstellingen van de vereniging;

e. het uitgeven van en/of het verlenen van medewerking aan het uitge­ven van een orgaan en publicaties;

f. het leggen en onderhouden van contacten casu quo het samenwerken met nationale en internationale (zuster)organisaties;

g. al datgene te doen wat gerekend kan worden in het belang van de ver­eniging en de konijnenfokkerij in de ruimste zin van het woord te zijn.

DUUR.

ARTIKEL 3.

De vereniging duurt voort voor onbepaalde tijd.

LEDEN EN BEGUNSTIGERS.

ARTIKEL 4.

1. De vereniging kent leden.

Bovendien kent de vereniging ereleden, jeugdleden en begunsti­gers.

2. Leden kunnen slechts zijn natuurlijke personen die de leeftijd van ze­ven­tien jaar bereikt   hebben.

3.J eugdleden kunnen slechts zijn natuurlijke personen die de leeftijd van zes jaar bereikt hebben en de leeftijd van zeventien jaar nog niet hebben bereikt.

Bij de aanvang van het boekjaar, waarin zij de zeventien-jarige leeftijd bereiken, worden zij nog als jeugdleden beschouwd.

4. Ereleden zijn diegenen die op voorstel van het bestuur of op dat van tenminste vijf leden door de algemene vergadering bij twee/derde meer­derheid van stemmen als zodanig zijn benoemd op grond van de om­standigheid dat zij zich bijzonder verdienstelijk voor de vereniging of de konijnenfokke­rij hebben gemaakt.

5. Degene die lid of jeugdlid wil worden, geeft zich daartoe op bij het bestuur.

Het bestuur beslist vervolgens over de toelating van een kandidaat, en stelt de kandidaat omtrent haar beslissing in kennis.

6. Wanneer het bestuur tot niet-toelating beslist, geschiedt mededeling daarvan schriftelijk onder opgave van redenen en met vermelding van het aan de betrokkene ingevolge het volgende lid toekomende recht van beroep.

7. In geval van niet-toelating door het bestuur staat de betrokkene beroep open bij de algemene vergadering.

De algemene vergadering heeft het recht dit besluit teniet te doen bin­nen vier weken nadat het haar ter kennis is gebracht.

8. Waar hierna gesproken wordt van leden wordt bedoeld leden, ereleden en jeugdleden, tenzij het tegendeel blijkt.

ARTIKEL 5.

Begunstigers zijn zij die met het doel der vereniging symphatise­ren en zich als zodanig bij het bestuur hebben aangemeld en door het be­stuur zijn toege­laten.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP.

ARTIKEL 6.

1. Het lidmaatschap eindigt:

a. door het overlijden van het lid.
Is een rechtspersoon lid dan eindigt haar lidmaatschap doordat zij ophoudt te bestaan;

b. door schriftelijke opzegging door het lid;
deze kan slechts geschieden tegen het einde van het boek­jaar met in­achtne­ming van een opzeg­gingstermijn van ten­minste drie maan­den;

c. door schrif­telijke opzegging door het bestuur namens de vereni­ging.

Deze kan te allen tijde en zonder inachtneming van een opzeg­gings­termijn geschieden wanneer een lid heeft op­gehouden aan de vereis­ten door deze statuten voor het lidmaatschap gesteld, te vol­doen wanneer een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet na­komt, als­ook wanneer redelij­kerwijs van de vereniging niet ge­vergd kan worden het lid­maat­schap te laten voortdu­ren;

d. door ontzetting (royement).

Deze kan alleen krachtens een besluit van de algemene ledenverga­de­ring worden genomen door minstens drie/vierde der aanwezige leden, wan­neer een lid in strijd met de sta­tuten, reglementen of beslui­ten van de vereni­ging handelt of de vereni­ging op onredelijke wijze bena­deelt.

2. Ten aanzien van een bestuurslid geschieden zowel de opzegging na­mens de vereniging als de ontzet­ting krach­tens besluit van de alge­mene verga­de­ring.

Hem staat geen beroep open als hierna is be­doeld.

3. Degene, ten aanzien van wie een besluit of opzeg­ging namens de ver­eniging of ontzetting is geno­men, wordt ten spoedig­ste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.

Hem staat binnen één maand na ontvangst van de kennis­ge­ving beroep op de algemene vergade­ring open.

Het beroep moet schriftelijk bij de secretaris wor­den inge­diend.

4. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de betrok­kene geschorst, evenwel met dien ver­stande dat hij bevoegd is de algemene ver­gadering, waarin op het beroep wordt beslist tij­dens de be­handeling van het beroep bij te wonen en daar het woord te (doen) voe­ren.

Hij heeft echter daarin geen stemrecht.

5. Het einde van het lidmaatschap houdt tevens in het einde van het be­stuurslidmaatschap.

SCHORSING.

ARTIKEL 7.

1. In de gevallen, genoemd in artikel 6 lid 1 onder d, kan het bestuur een lid als zodanig schorsen voor ten hoog­ste drie maanden, indien het bestuur niet voldoende termen aanwezig acht om tot ontzet­ting te beslui­ten.

2. Het bepaalde in artikel 6 leden 2 tot en met 4 is van over­een­komstige toepassing.

3. Schorsing van een bestuurs­lid als lid van de ver­eni­ging, houdt te­vens in de schor­sing als be­stuurslid.

RECHTEN EN VERPLICHTINGEN.

ARTIKEL 8.

1. Onverminderd het overigens bij de Wet, deze statu­ten of een even­tueel huishoudelijk reglement be­paalde hebben de leden het recht om van de door het bestuur aan te wijzen facilitei­ten en eigen­dommen van de vereniging gebruik te maken.

2. De leden en begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijk­se bijdrage, die door de algemene vergadering wordt vast­gesteld.

Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld.

3. De algemene vergadering is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of ge­deelte­lijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdra­ge te verle­nen.

4. Personen, van wie het lidmaatschap een aanvang heeft genomen of is geëindigd of die zijn ge­schorst, zijn over het jaar, waarin de aan­vang, het einde of de schor­sing heeft plaatsge­vonden, de contributie voor het geheel verschuldigd, tenzij het bestuur anders besluit.

BESTUUR.

ARTIKEL 9.

1. De leiding van de vereniging en het beheer van het ver­mogen van de vereniging berusten bij het bestuur.

2. Het bestuur is mits na voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en het aangaan van overeenkomsten, waarbij de ver­eniging zich als borg of hoofde­lijk mede-schul­denaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.

ARTIKEL 10.

1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie leden.

Het aantal bestuursleden wordt vastgesteld door de algemene verga­de­ring.

Slechts leden van de vereniging zijn verkiesbaar als be­stuurs­leden.

De bestuursleden worden gekozen, geschorst en ont­slagen bij besluit van de algemene vergadering.

De voorzitter wordt in functie be­noemd.

2. Nieuwgekozen bestuursleden aanvaarden hun functie ter­stond na hun verkiezing en nemen op het rooster van aftreden de plaats van hun voorgangers in.

De algemene vergadering kan voor de aanvaarding echter een ander tijdstip vaststellen.

3. Een bestuurslid kan te allen tijde zelf ontslag nemen.

4. Bij een vacature in het bestuur wordt binnen twee maan­den een al­geme­ne vergadering gehouden ter ver­vul­ling daarvan, tenzij het be­stuur be­sluit met de vervul­ling te wachten tot de eerstvolgende door het bestuur voor­genomen algeme­ne verga­dering.

5. De werkzaamheden van het bestuur worden geregeld bij huishoudelijk reglement.

ARTIKEL 11.

1. De voorzitter bepaalt waar en wanneer een be­stuursver­gadering wordt gehouden.

Een bestuursvergadering wordt bijeengeroepen door de voor­zit­ter of namens deze, door de secretaris.

2. De voorzitter stelt de agenda vast.

Hij is verplicht een bepaald onderwerp op de agen­da te plaat­sen op verzoek van tenminste twee be­stuursle­den.

3. Geldige besluiten worden genomen met volstrekte meer­derheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

Elk bestuurs­lid heeft recht op het uitbrengen van één stem.

Bij staken van stemmen heeft de voorzitter een beslis­sende stem.

4. De secretaris houdt notulen bij, tenzij het be­stuur besluit te vol­staan met een besluitenlijst.

De notulen casu quo de besluitenlijst worden/wordt door het bestuur vastgesteld.

VERTEGENWOORDIGING.

ARTIKEL 12.

De vereniging wordt vertegenwoordigd door het bestuur.

Bovendien wordt de vereniging vertegenwoordigd door twee gezamen­lijk handelende bestuursleden.

ALGEMENE VERGADERIN­GEN.

ARTIKEL 13.

1. Tenminste éénmaal per jaar wordt binnen drie maan­den na afloop van het boekjaar een algemene verga­dering gehou­den (jaarverga­dering).

De algemene vergadering kan evenwel de genoemde termijn voor ieder jaar afzonderlijk verlengen.

2. Een algemene vergadering wordt voorts gehouden krach­tens besluit van het bestuur.

De voorzitter is tot bijeenroeping van een algeme­ne vergade­ring ver­plicht indien tenminste tien leden, dan wel zoveel leden als tezamen bevoegd zijn één/tien­de gedeelte van de stemmen in een algemene vergadering uit te brengen onder nauwkeu­rige opgave van de te be­han­de­len onderwerpen schrifte­lijk aan het bestuur verzoe­ken een verga­dering te beleggen.

Indien noch de voorzit­ter, noch het bestuur aan een derge­lijk ver­zoek een zodanig gevolg geeft dat de ver­ga­dering binnen één maand plaats­vindt, zijn de verzoe­kers bevoegd zelf tot bijeenroeping over te gaan, daar­toe het ledenregister te raadplegen, een agenda vast te stellen en de voorzitter van de vergade­ring aan te wijzen.

3. De vergaderingen worden geleid door de voorzit­ter van het bestuur.

Bij ontstentenis of belet van de voorzitter, wijst het bestuur uit zijn midden een persoon aan die de vergade­ring zal leiden.

4. Ieder lid, dat niet is geschorst, behoudens het bepaal­de in artikel 6 lid 4, heeft toegang tot de algemene vergadering en heeft de be­voegdheid al­daar het woord te voeren en voor­stellen te doen.

5. Ieder lid heeft één stem.

Een stem kan door een gemachtigd ander lid wor­den uitge­bracht.

Een lid kan nooit meer dan één volmacht op zich verzamelen.

Ereleden en jeugdleden hebben een adviserende stem.

6. De algemene vergadering kan een huis­houdelijk re­glement vaststellen.

7. In alle gevallen waarin de Wet, deze statuten of een eventueel huis­hou­delijk reglement niet voor­zien, be­slist de algemene vergadering.

ARTIKEL 14.

1. De agenda van de jaarvergadering bevat tenmin­ste de volgende pun­ten:

a. verkiezing van bestuursleden;

b. jaarverslag door het bestuur over het afgelopen boekjaar;

c. rekening en verantwoording door het bestuur over het bestuur, zoals in het afgelopen boek­jaar gevoerd;

d. jaarlijkse benoeming van een kascommissie, be­staande uit ten­min­ste twee leden, die geen deel mogen uitma­ken van het be­stuur;

e.verslag van de bevindingen van de kascommissie;

f. vast­stelling van de begroting.

2. De agenda van een algemene vergadering wordt door het bestuur vast­gesteld, met in­achtne­ming van het­geen in dit artikel is bepaald.

ARTIKEL 15.

1. De algemene vergaderingen worden door de zorg van de secreta­ris bijeengeroepen door middel van een schrifte­lijke kennisge­ving, welke aan de leden wordt toegezon­den, tenminste vijftien dagen tevo­ren, de dag van op­roe­ping en van de vergadering niet meegerekend.

2. De kennis­gevingen bevatten de vermelding van tijd en plaats van de te houden vergadering, alsmede de agenda.

ARTIKEL 16.

1. Alle besluiten van de algemene vergadering worden geno­men bij vol­strekte meerderheid van geldig uit­ge­brachte stemmen, tenzij in deze statuten anders is bepaald.

Ongel­dig uitgebrachte en blanco stemmen worden ge­acht niet te zijn uitgebracht.

2. Over personen wordt schrifte­lijk gestemd, over zaken monde­ling, ten­zij de voorzitter of de alge­mene vergade­ring anders besluit.

3. Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen.

Heeft bij stemming over personen niemand de vol­strekte meer­der­heid verkregen, dan vindt een twee­de stemming plaats tussen de twee per­sonen, die de meeste stemmen op zich verenigden.

Indien bij de tweede stemming de stemmen staken, dan beslist het lot.

BOEKJAAR.

ARTIKEL 17.

Het boekjaar van de vereniging loopt gelijk met het kalen­derjaar.

STATUTENWIJZIGING.

ARTIKEL 18.

1. Deze statuten kunnen worden gewijzigd bij besluit van de algemene vergadering, genomen met een meer­derheid van tenmin­ste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten­min­ste de helft van de leden aanwezig of ver­tegenwoordigd zijn.

Indien in een vergadering, waarin een voorstel tot statu­ten­wijziging aan de orde is, niet de helft van de leden aanwezig of vertegen­woor­digd is, dan wordt een nieuwe vergadering bijeengeroe­pen, te houden niet eerder dan tien dagen en niet later dan dertig dagen na de eerste.

In deze vergadering kan een besluit tot statuten­wijzi­ging rechtsgel­dig worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezi­ge of verte­gen­woordigde leden.

2. Tenminste vijf dagen vóór de vergadering moet een af­schrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijzi­ging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage liggen tot na af­loop van de dag waarop de vergade­ring wordt gehouden.

3. De wijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.

4. De bestuurders zijn verplicht een authentiek af­schrift van de wijziging alsmede de doorlopende tekst van de statuten bij het verenigingenre­gister neer te leggen.

ONTBINDING.

ARTIKEL 19.

1. Op een besluit tot ontbinding is het bepaalde in arti­kel 18 leden 1 en 2 van overeenkomstige toe­pas­sing.

2. In ge­val van ontbinding wordt de bestemming van het batig saldo vast­gesteld bij besluit van de algeme­ne vergade­ring.

Op dit besluit is het bepaalde in artikel 18 leden 1 en 2 eveneens van overeenkomstige toepassing.

3. Tenzij de algemene vergadering anders besluit, geschiedt de vereffening door het bestuur.

Gedurende de vereffening blijven deze statuten zoveel mogelijk van kracht.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

LIDMAATSCHAP

ARTIKEL 1.

1. Zij die zich als lid of jeugdlid bij de vereniging willen aansluiten, moeten zich schriftelijk bij het bestuur aanmelden door middel van een door de vereniging te verstrekken formulier.

2. Indien de aanmelding een jeugdlid betreft, moet het betreffende formulier worden mede-ondertekend door één van de ouders of door de wettelijke vertegenwoordiger van het jeugdlid.

3. De vereniging kent ook tentoonstellings- of fokkerscombinaties, die gevormd worden door twee of meer leden en/of jeugdleden en voor het overige overeenkomen met de bepalingen van het Huishoudelijk reglement van de Nederlandse Konijnenfokkers Bond.

ARTIKEL 2.

1. In de contributie is de toezending van het clubblad van de vereniging begrepen.

2. Jeugdleden en begunstigers betalen tenminste de helft van de contributie van de leden.

3. Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van contributie.

4. Een tentoonstellings- of fokkerscombinatie is contributie van een lid en/of jeugdlid verschuldigd.

5. Indien de contributie over het lopende jaar niet voor 1 september is voldaan, vindt geen uitkering plaats van gewonnen ereprijzen en wordt de toezending van het clubblad gestaakt.

6. Bij het niet betalen van de contributie over het lopende jaar voor 1 januari van het volgende jaar, kan het bestuur tot opzegging van het lidmaatschap besluiten.

BESTUUR

ARTIKEL 3.

1. De bestuursleden hebben een zittingsperiode van twee jaar.

2. Jaarlijks treedt de helft van het aantal bestuursleden af, volgens een door het bestuur opgemaakt rooster. Hierbij is gelijktijdig aftreden van voorzitter en secretaris niet mogelijk. De aftredenden zijn terstond herkiesbaar.

3. Kandidaten voor de te vervullen vacatures kunnen zowel door het bestuur als door de leden worden gesteld. Voordrachten door de leden dienen schriftelijk drie dagen voor aanvang van de vergadering bij de secretaris te worden ingediend. Deze voordracht dient vergezeld te gaan van een schriftelijke bereidverklaring van de kandidaat.

4. Herverkiezing bij acclamatie is slechts mogelijk wanneer geen tegenkandidaten zijn gesteld.

ARTIKEL 4.

Het bestuur vergadert zo vaak als nodig is.

Tenminste drie bestuursleden kunnen een bestuursvergadering aanvragen met opgave van de te behandelen onderwerpen.

ARTIKEL 5.

De voorzitter leidt de vergaderingen. Hij heeft het recht debatten te sluiten en de vergadering te schorsen. Uitgaande stukken van belangrijke betekenis worden mede door de voorzitter ondertekend.

Bij zijn afwezigheid of ontstentenis zal één der bestuursleden als leider van de vergadering optreden.

ARTIKEL 6.

De secretaris voert de administratie van de vereniging, houdt een ledenregister bij, convoceert de vergaderingen, notuleert het verhandelde en brengt middels een jaaroverzicht verslag uit van het afgelopen verenigingsjaar. Hij kan desgewenst deze werkzaamheden gedeeltelijk delegeren aan één of meerdere van de overige bestuursleden. De uitgaande stukken worden door hem ondertekend, zulks met inachtneming van het bepaalde in artikel 5. Bij afwezigheid of ontstentenis wordt hij vervangen door één van de overige bestuursleden.

ARTIKEL 7.

De penningmeester beheert de gelden van de vereniging. Hij kan desgewenst deze werkzaamheden gedeeltelijk delegeren aan één of meerdere van de overige bestuursleden. In de algemene vergadering legt de penningmeester rekening en verantwoording af. Daartoe houdt hij zijn boekhouding ter inzage van de kascommissie. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis wordt zijn functie waargenomen door één der overige bestuursleden.

ARTIKEL 8.

De overige leden van het bestuur zijn belast met niet nader benoemde (deel)taken en zijn de andere bestuursleden zoveel mogelijk behulpzaam.

ARTIKEL 9.

Voorzitter en secretaris en/of penningmeester zijn belast met de uitvoering van de genomen besluiten en gerechtigd te beslissen in die spoedeisende gevallen, waarvoor niet tijdig een bestuurs- of algemene vergadering kan worden uitgeschreven.

ALGEMENE VERGADERINGEN

ARTIKEL 10.

De leden van de kascommissie hebben een zittingsperiode van twee jaar. Jaarlijks treed één lid af, welke niet terstond herkiesbaar is. Als reserve wordt door de algemene vergadering een derde lid aangewezen, dat bij afwezigheid of ontstentenis van één van de leden zijn functie waarneemt.

ARTIKEL 11.

Leden, jeugdleden en ereleden hebben het recht op de algemene vergadering voorstellen in te dienen. Deze dienen schriftelijk voor

1 januari bij de secretaris te worden ingediend.

In spoedeisende gevallen kan van deze termijn worden afgeweken, zulks ter beoordeling van het bestuur.

ARTIKEL 12.

De algemene vergadering, zijnde jaarvergadering, wordt jaarlijks replicas omega in maart, wisselend in een plaats ten noorden en ten zuiden van de lijn IJmuiden-Enschede gehouden.

ACTIVITEITEN

ARTIKEL 13.

1. Jaarlijks wordt in september, wisselend in een Tag Heuer replica plaats ten zuiden en ten noorden van de lijn IJmuiden-Enschede een fokkersdag georganiseerd.

2. De clubkeurmeesters worden benoemd door de algemene vergadering.

SLOTBEPALINGEN

ARTIKEL 14.

Het bestuur beslist in die gevallen, waarin de statuten en huishoudelijk reglement niet is voorzien en in de geschillen omtrent de uitleg en toepassing daarvan, behoudens zijn verantwoording aan de algemene vergadering.

ARTIKEL 15.

Aan alle leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers wordt bij de aanvang van hun lidmaatschap respectievelijk aansluiting een exemplaar van de statuten, van dit reglement, alsmede van alle bijzondere door het bestuur vastgestelde reglementen ter hand gesteld, gelijk mede van alle daarin later aangebrachte wijzigingen.

ARTIKEL 16.

Waar in dit reglement hij wordt gebruikt, dient evenzeer zij te worden gelezen.

ARTIKEL 17.

Dit huishoudelijk reglement treedt in werking op 1 april 1998.